De afgelopen jaren is box 3, de belasting op sparen en beleggen, misschien wel het meest besproken onderdeel van ons belastingstelsel. Met de Kerstarresten van de Hoge Raad in het achterhoofd, de voortdurende rechtszaken en het aangekondigde nieuwe stelsel, is de politiek voortdurend op zoek naar manieren om de gaten in de begroting te dichten zonder de belastingheffing op vermogen helemaal op de schop te nemen.
In mei 2025 kondigde het kabinet nieuwe ingrepen aan. Deze hebben één duidelijke doelstelling: meer belastingopbrengst genereren binnen het bestaande systeem.
1.Uitstel nieuw box 3-stelsel: ruimte creëren in de begroting
Het nieuwe stelsel, waarbij het werkelijk rendement als uitgangspunt wordt genomen, zou oorspronkelijk in 2027 worden ingevoerd. Dat plan schuift nu door naar 2028. Dat lijkt misschien een klein jaartje extra, maar in politieke en financiële termen is het groot nieuws: de overheid heeft een gat in de begroting en zoekt naar manieren om dat te vullen zolang het huidige (forfaitaire) stelsel nog geldt.
2.Verhoging forfaitair rendement op overige bezittingen
De meest directe knop om aan te draaien is het forfaitair rendement op overige bezittingen. Hieronder vallen onder andere:
- Beleggingsportefeuilles
- Tweede woningen en vakantiewoningen
- Uitzonderingen zoals verhuurde panden
Per 2026 gaat het forfaitair rendement voor deze categorie omhoog met 1,78 procentpunt – van 6,00% naar 7,78%.
Dat betekent dat de Belastingdienst er vanuit gaat dat u bijna 8% rendement maakt, ook als uw werkelijke opbrengst lager ligt.
Praktisch gevolg:
- U betaalt meer belasting over hetzelfde vermogen.
- Beleggingsjaren met een lager of negatief rendement voelen hierdoor extra zuur: de fiscus heft alsof u wel degelijk een mooi resultaat heeft geboekt.
3.Verlaging van het heffingsvrij vermogen
Het tweede deel van de maatregel raakt nóg meer mensen: het heffingsvrij vermogen – het deel van uw vermogen dat onbelast blijft – wordt verlaagd:
- Van €57.000 (2025) naar €51.396 per persoon (2026).
- Fiscale partners krijgen samen een vrijstelling van €102.792.
Gevolgen:
- Meer belastingplichtigen komen in box 3 terecht.
- Wie al belasting betaalt in box 3, doet dat over een groter deel van zijn vermogen.
4.Geen verzachting voor specifieke groepen
Sommigen hadden gehoopt op een uitzondering voor bepaalde groepen, zoals particuliere verhuurders van woningen. Die hoop is door de staatssecretaris expliciet weggenomen: er komt géén aparte regeling om de hogere druk te compenseren.
Er is een cijfermatige analyse gemaakt waaruit volgens het kabinet blijkt dat de verhoging noodzakelijk is, en dat uitzonderingen het begrotingsdoel ondermijnen.
5.Waarom deze combinatie pijnlijk is
De combinatie van een hoger fictief rendement en een lager vrijgesteld vermogen zorgt voor een dubbele druk:
- Uw belastbare grondslag wordt groter, doordat de vrijstelling lager is.
- Over dat grotere bedrag wordt u belast tegen een hoger fictief rendement.
Het is dus een tweesnijdend zwaard: meer mensen betalen box 3-heffing, en de mensen die al betalen gaan meer betalen.
6.Wat kunt u doen?
Omdat de ingreep pas in 2026 ingaat, is er nog enige tijd om uw positie te herzien. Mogelijke acties:
- Vermogensspreiding: Kijk of een deel van uw vermogen naar categorieën kan met een lager forfaitair rendement (zoals spaargeld).
- Schenken: Maak gebruik van jaarlijkse schenkingsvrijstellingen om vermogen over te hevelen.
- Structureren: Onderzoek of verplaatsing van vermogen naar een BV of andere rechtsvorm fiscaal voordeliger is.
Let wel: iedere situatie is anders. Wat voor de één voordelig is, kan voor een ander juist nadelig uitpakken.
Conclusie
Deze box 3-maatregelen laten zien dat de overheid, ondanks alle discussie over de rechtvaardigheid van het huidige stelsel, voorlopig kiest voor eenvoudige en directe lastenverzwaringen.
Vanaf 2026:
- Forfaitair rendement overige bezittingen: 7,78%
- Heffingsvrij vermogen: €51.396 per persoon
Wie wil voorkomen dat hij onnodig veel box 3-heffing betaalt, doet er verstandig aan om nu al te kijken naar mogelijkheden om zijn vermogen slimmer te structureren.